login »
02 februari 2018

Beatrice de Graaf: ‘Geradicaliseerde zoekt verlossing'

Het is essentieel dat gemeenten hun kennis over radicalisering op peil houden, en om in gesprek te blijven met de netwerken die daarvoor nodig zijn. Dat vereist contacten met religieuze leiders, het is belangrijk dat gemeenten niet in een religieuze kramp schieten.

Dat hield Beatrice de Graaf een zaal vol gemeentebestuurders voor bij de VNG Atriumlezing op 25 januari. De zaal kreeg de primeur van een theorie die De Graaf aan het uitwerken is. Beatrice de Graaf is hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht en vermaard terrorisme-deskundige.

Terrorisme en religie

De Graaf ergert zich aan de versimpeling van het debat over radicalisering in de media. ‘De ene stroming zegt dat terrorisme niets te maken heeft met de Islam, en dat terrorisme een uiting is van frustratie over bijvoorbeeld sociale ongelijkheid of persoonlijke trauma’s.

De andere stroming zegt juist dat terrorisme in zijn geheel is te verklaren uit de Koran die inherent gewelddadig zou zijn. Beide stellingen zijn een ongemakkelijke versimpeling van de werkelijkheid en dat leidt tot allerlei problemen, zoals het veroordelen van álle moslims, of juist tot het reduceren van het fenomeen radicalisering tot een opvoedingsprobleem.’

Verlossing

De Graaf zet daar een derde positie naast: we moeten de religieuze inspiratie achter radicalisering meer bezien vanuit het perspectief van de praxis, het doen en beleven van religie. Zo’n cruciale praxis is het verlangen naar verlossing. "Terrorisme kan ook gezien worden als een zeer extreme strategie om het besef van sterfelijkheid en betekenisloosheid op te heffen. Met zijn of haar daad stijgt de terrorist uit boven zijn eigen kleine bestaan."

Die daad krijgt volgens De Graaf echter pas echt betekenis als hij als zodanig wordt erkend door de groep of organisatie waartoe hij behoort. Daar ligt volgens haar ook een belangrijk aangrijpingspunt voor antiradicaliseringbeleid. "Als terroristen zichzelf zien als onderdeel van een gemeenschap, heeft de gemeenschap een verantwoordelijkheid om zich te distantiëren van het terrorisme,’ stelt De Graaf.

Dat is wrang, en voelt soms zelfs onrechtvaardig. Maar het werkt wel. ‘Wanneer de gemeenschap radicaliserende jongeren aanspreekt op hun foutieve invulling van zo’n religieuze praxis, zoals Aboutaleb dat doet in Rotterdam, heeft dat niet altijd direct, maar op de lange termijn wel indirecte effecten."

Dat geldt overigens voor álle soorten radicalisering en extremisme, ook voor etnisch of rechtsextremisme. Als de gemeenschap zo’n gewelddadige ‘daad van verlossing’ niet erkent, wordt het minder aantrekkelijk voor radicaliserende jongeren om er mee door te gaan.

Richtlijnen

Bij de Atriumlezing vertelde burgemeester Bert Bouwmeester van Coevorden over richtlijnen en een toolkit van het Congres van Lokale en Regionale Overheden van de Raad voor Europa. Die bevatten concrete acties en tips voor anti-radicaliseringsbeleid en voor het op touw zetten van een interculturele en interreligieuze dialoog. Bouwmeester is rapporteur van het Congres van Lokale en Regionale Overheden.

Meer informatie